Hoofdmenu

  • Home
  • Korps
  • Uitrukken
  • Wij zoeken jou
  • Kazerne
  • Foto's
  • Videobeelden
  • Voertuigen
  • Geschiedenis
  • P2000
  • Links
  • Contact

Geschiedenis


Door de eeuwen heen heeft de mens gestreden tegen het vuur. De brandweervereniging Oudorp op vrijwillige basis weliswaar opgericht op 7 december 1945, maar voordien bestond er al veel eerder een ongeschreven wet voor de mannelijke bevolking om bij brand hiertegen gezamenlijk op te treden. Tot aan het begin van deze eeuw was de brandbestrijding een zeer moeizame zaak enerzijds wegens het ontbreken van goede blus- en hulpmiddelen en anderzijds doordat de bebouwing dicht op elkaar stond en de materialen erg brandgevaarlijk waren. De huizen werden meestal gebouwd van hout met rieten daken. Aanvankelijk waren niet anders voor de blussing voorhanden dan emmers, die vanuit de dichtstbijzijnde watervoorziening, meestal een sloot werden gevuld en doorgegeven naar de brand. De uitvinding van de (hand)-brandspuit in 1528 gaf al een voor die tijd aanmerkelijke verbetering bij brandbestrijding. De ontwikkeling van de mobiele brandspuit omstreeks de eeuwwisseling, na de eerste wereldoorlog gevolgd door de motorspuit, al dan niet getrokken door paarden en vervolgens de intreding van de autospuit in de dertiger jaren gaf de stoot tot een snelle verdere verbetering van het blusmaterieel en latere verfijnde technische hulpmiddelen. Inmiddels werden de gemeenten bij wet verplicht maatregelen te nemen ter voorkoming en ter bestrijding van brand. In de praktijk betekende dit, dat de burgemeester o.a. mannen van 17 jaar en ouder kon aanwijzen om deel te nemen bij de brandblussing. Men sprak toen van de zogenaamde plichtbrandweer. Na 1900 komt er in de organisatie van de brandweer langzamerhand meer lijn. Uit de archieven blijkt dat in Oudorp voor het eerst in 1918 een reglement voor de brandweer is opgesteld, waarin het volgende was bepaald: Aan het hoofd van de brandweer staat de burgermeester als opperbevelhebber. De bediening der brandspuit wordt opgedragen aan een brandmeester, de commandeur, 12 pompers, 4 slangleiders, 4 lantaarndragers, waarvan 2 wekkers en 2 pijpleiders. Tenminste éénmaal per jaar en wel in de maand augustus zal de brandspuit worden beproefd en bij het ontstaan van brand begeven de brandmeester en de pompers zich rechtstreeks naar de brand. De commandeur blijft bij de spuit en zorgt dat de pompers regelmatig worden vervangen, terwijl het materieel zorgvuldig wordt behandeld. De lantaarndragers stellen zich, wanneer de brand bij dag plaats heeft ter beschikking van de commandeur der spuit. Voor het jaarlijks beproeven van de brandspuit worden de manschappen minstens 3 dagen tevoren opgeroepen door de burgermeester. De brandmeester en de commandeur genieten F.1,--, de pompers en de slangleiders ieder F.0,60 en de lantaarndragers ieder F.0,50 per uur. Bij brand wordt betaald, bij presentie, vanaf het ogenblik dat de spuit de bergplaats verlaat.

 


OPRICHTING VRIJWILLIGE BRANDWEER OUDORP
De brandweervereniging is opgericht op 6 december 1945 door de toenmalige burgemeester Schoenmaker en B.P. van Kooten als commandant en G. van Maarleveld als ondercommandantvan de zgn. plichtbrandweer. In de vergadering van 18 maart 1946 werd er gesproken over het opstellen van een regelement. Dit reglement werd in de vergadering van 15 april 1946 voorgelezen en goedgekeurd. De aangevraagde subsidie, een bedrag F. 350,--, werd door het gemeentebestuur uitgetrokken op de begroting van 1946.

 

Valid XHTML and CSS.